Eindelijk: een rode kaart voor greenwashing
Bert, een van onze oprichters, raakt niet uitgepraat over schoonhouden. Daarom praat hij je op deze plek bij in een blog. Over wat hem bezighoudt, over wat hij doet en waarom, over zijn gesprekken met impactmakers en NGO’s, over wat hij leerde van klanten en over schoonmaakroutines die wél werken. Terugpraten? Graag! Stuur Bert een mail: hallo@zoschoon.nl
“Een blaadje op de verpakking. Een keurmerk op de voorkant. Woorden als eco, green of biologisch afbreekbaar. Een claim over minder plastic. Het klinkt allemaal heel duurzaam. Maar of het dat ook echt is, weet je als consument niet. Daarom gelden er vanaf september 2026 scherpere Europese regels voor duurzaamheidsclaims. Greenwashing, vage groene taal, losse labels of claims die maar een deel van het verhaal vertellen, mogen vanaf september niet meer. Een merk dat claimt dat iets duurzaam, groen, natuurlijk of beter voor het milieu is, moet die claim voortaan uitleggen en toelichten. Bij ZO zijn we het daar helemaal mee eens. Want als consument moet je weten waar je aan toe bent. Als je echt betere keuzes maakt, moet je dat als merk voortaan laten zien en dat kan ook makkelijk.”

Halve waarheid
“Neem verpakkingen. Veel merken communiceren graag over minder plastic, gerecycled plastic of nieuwe navulverpakkingen. Dat is soms ook een stap vooruit. Als een merk een fles vervangt door een zak en communiceert dat er bijvoorbeeld 74% minder plastic wordt gebruikt, kan die claim op zichzelf waar zijn. Maar zo’n percentage vertelt niet het hele verhaal. Als er in een zak maar 1 navulling zit, is die verpakking na 1 keer gebruiken alweer afval. En als die zak dan niet goed recyclebaar is, wordt hij uiteindelijk verbrand. Dan is de claim een halve waarheid. En geen onderdeel van een duurzame systeemoplossing. De claim minder plastic zegt iets over het gewicht. Maar niet automatisch ook iets over hergebruik, afval, transport, recycling, formule, dosering, verspilling of totale milieu-impact.”
Groen in de naam maakt het nog niet duurzaam
“In onze branche horen we heel veel groene taal. Soms zelfs letterlijk in de merknaam. Dat is slim. Maar niet altijd eerlijk. Want je wilt geen merk dat groen klinkt. Je wilt een merk dat aantoonbaar groen ís. Veel vloeibare producten bijvoorbeeld bestaan voor een groot deel uit water. Dat water wordt geproduceerd, verpakt, vervoerd, opgeslagen voor het bij jou thuis is. Terwijl je thuis gewoon een kraan hebt. Dus waarom vervoeren we nog steeds water, als het ook uit de kraan komt? Bij ZO kiezen we daarom voor concentraten. Niet voor flessen vol water, maar voor werkzame formules die je thuis zelf aanvult. Dat scheelt onnodig transport, onnodig verpakkingsvolume en onnodig gesleep met zware flessen. En een vloeibare handzeep is niet automatisch duurzaam omdat de geur natuurlijk klinkt of de verpakking groener is gemaakt. Bij gewone pompjes gebruik je al gauw te veel zeep. Dat betekent meer productverbruik, meer waterverbruik, meer verspilling. Schuimzeep is dan logischer: je gebruikt per wasbeurt minder zeep én minder water. Ook een stuk zeep lijkt duurzaam, omdat er geen plastic fles omheen zit. Maar ook daar moet je verder kijken. Want een stuk zeep kan onnodig veel water, tijd en zeep kosten als je het gebruikt. Bovendien ligt het vaak nat, en als hetzelfde zeepje door meerdere handen gaat, is het vaak ook minder hygiënisch.”

Toverwoorden
“Claims als biologisch afbreekbaar, plantaardig en natuurlijk klinken geruststellend, maar zeggen niet alles. Biologisch afbreekbaar klinkt goed, maar let op. Onder welke omstandigheden breekt iets af? Binnen hoeveel tijd? Over welke bestanddelen gaat het precies? En wie controleert dat? Ook plantaardig betekent niet automatisch duurzaam. Een ingrediënt kan plantaardig zijn en toch een stevige impact hebben op landgebruik, biodiversiteit of ontbossing. Palmolie is daar een bekend voorbeeld van.”
Ecolabels
“En ook met een ecolabel ben je er niet helemaal. Want duurzaamheid ontstaat niet door een keurmerk, verpakking of groene claim. Duurzaamheid ontstaat door elke keer weer de betere keuze te maken. Een product met een ecolabel kan nog steeds bestaan uit een fles vol water. Het voldoet aan bepaalde criteria. Maar hoeft niet de beste keuze te zijn als het gaat om dosering, navullen, verpakking, verspilling of gebruik. Een label kijkt naar afgesproken eisen. Bij ZO vragen we ons af hoe het hele systeem slimmer kan. Dit jaar ronden we onze VSME-rapportage af over 2024 en 2025. Dat waren we ook zonder die nieuwe regels al van plan. Met die rapportage leggen we vast welke keuzes we maken, wat de impact daarvan is en waar we nog kunnen verbeteren. Denk aan concentraten in plaats van flessen vol water, navullen in plaats van weggooien, sprayers en foamers die jarenlang meegaan, bewuste keuzes in ingrediënten, leveranciers dichter bij huis en retourstromen voor verpakkingen.”

Andere keuzes vanaf het begin
“Bij ZO maakten we vanaf het begin al andere keuzes. We lijken niet groener. We zijn het. We begonnen namelijk met de vraag: hoe kan schoonhouden slimmer, zuiniger en eerlijker? Daarom kozen we vanaf het begin voor concentraten. Als basis van het systeem. Daarom werken we met navullen. Als uitgangspunt. Daarom kiezen we voor sprayers en foamers die lang meegaan. Ontworpen om steeds opnieuw te gebruiken. Daarom kijken we niet alleen naar verpakking, maar ook naar dosering, verspilling, gebruiksgemak, ingrediënten, levensduur en retourstromen. En daarom communiceren we concreet. Wat zit erin? Hoe gebruik je het? Hoe lang doe je ermee? Wat lever je in aan afval? Wat voorkom je aan verspilling? Dát is het verschil tussen een groene claim en een schoon verhaal.”
Deel dit artikel via social media



